Een leerling haalt een onvoldoende en de gedachte aan bijles is snel gemaakt.
Logisch. Maar een onvoldoende vertelt nog niet waarom een leerling hulp nodig heeft.
Misschien ontbreekt vakkennis. Misschien zit er ergens een gat in de basis. Of de leerling begrijpt de theorie wel, maar weet tijdens een toets niet welke aanpak nodig is.
Goede bijles begint voor mij daarom met één vraag:
Waar loopt deze leerling precies vast?
Bijles is geen tweede schoolles
Wanneer iets in de klas niet duidelijk was, kan extra uitleg helpen.
Maar als dezelfde stof al verschillende keren is uitgelegd en een leerling blijft vastlopen, heeft het weinig zin om precies hetzelfde verhaal nóg een keer te vertellen.
In een 1-op-1-les kun je juist bekijken wat er tijdens het denken gebeurt.
Welke stap wordt overgeslagen? Welke basiskennis ontbreekt? Wordt de vraag goed begrepen? Weet de leerling niet hoe hij moet beginnen?
Daar zit vaak de echte winst.
Wanneer kan bijles helpen?
Er zitten gaten in de basis.
Exacte vakken bouwen sterk op eerdere kennis. Een probleem met breuken of algebra kan bijvoorbeeld veel later opnieuw problemen veroorzaken.
De uitleg wordt begrepen, maar zelfstandig lukt het niet.
Dit komt vaak voor. Met iemand ernaast lijkt alles duidelijk, maar thuis of tijdens een toets weet de leerling niet hoe hij moet beginnen.
Dan oefenen we niet alleen de som, maar vooral het herkennen van de aanpak: wat staat er, wat wordt gevraagd en wat is een logische eerste stap?
De cijfers blijven achter ondanks veel inzet.
Dan is nóg meer leren niet automatisch de oplossing. Het kan veel nuttiger zijn om foutenpatronen, leerstrategie en toetsaanpak te bekijken.
Het zelfvertrouwen neemt af.
Na een paar onvoldoendes ontstaat al snel: “Ik kan geen wiskunde.”
Dan helpt het om het probleem weer kleiner te maken. Ontdekken welke stap ontbreekt en ervaren dat iets wat eerst niet lukte ineens wél lukt.
Bijles is geen wondermiddel
Een uur bijles per week lost niet automatisch ieder schoolprobleem op.
Wanneer planning, motivatie of andere omstandigheden een belangrijke rol spelen, moet daar ook naar gekeken worden.
Leren staat nu eenmaal niet helemaal los van de leerling die voor je zit.
Mijn doel is dat bijles steeds minder nodig wordt
Ik wil niet dat een leerling afhankelijk wordt van mijn uitleg.
We lossen daarom niet alleen een moeilijke opgave op. We proberen te begrijpen waarom die lastig was en hoe de leerling een vergelijkbare opgave de volgende keer zelf kan aanpakken.
Als een leerling uiteindelijk kan denken:
“Ik weet waar ik moet beginnen.”
dan is er meer bereikt dan alleen een beter cijfer.
Ik geef persoonlijke 1-op-1 bijles in mijn bijlesruimte in Zierikzee, vooral voor wiskunde, natuurkunde, scheikunde en biologie.
Want goede bijles begint voor mij niet bij nóg meer oefenen.
Het begint bij begrijpen waarom een leerling vastloopt.
